Iedereen kent de Overijsselse Ziekenomroep
Met 70 vrijwilligers verzorgt de Overijsselse
Zieken Omroep (OZO) radio-uitzendingen voor zieken en bejaarden in Twente. Dit
doen ze nu al 45 jaar en met succes; in 28 verschillende zorgcentra en
ziekenhuizen zijn ze te beluisteren.
De Overijsselse Zieken Omroep heeft een eigen studio waar muziek wordt
opgenomen en radio-uitzendingen worden gemaakt. Om dit alles te bekostigen
krijgt de stichting geen gemeentelijke subsidie, maar is ze geheel afhankelijk
van giften en donaties. Daarnaast collecteren ruim 1900 vrijwilligers
huis-aan-huis in het hele uitzendgebied. "We hebben ieder jaar veel succes met
de collecties", vertelt Annie Zwijnenberg, vrijwilligster van OZO. "Dat komt
omdat de mensen weten waar het geld heen gaat. Als je bijvoorbeeld geld geeft
voor de Anjer Stichting, weet je wel waar de stichting voor staat maar je weet
niet waar het geld echt aan besteed wordt. Bij ons is dat voor iedereen
duidelijk". Volgens Zwijnenberg komt dit doordat de OZO dicht bij de mensen zelf
staat. "Iedereen heeft wel eens direct, dan wel zijdelings te maken met een
verzorgingstehuis of het ziekenhuis. Als wij dan aan de deur komen met een
collectebus, herkennen de mensen ons. Ze weten waar het geld naartoe gaat".
Gemeentelijke subsidie heeft de stichting vooralsnog niet nodig. Hoewel het
extra geld natuurlijk voordelen zou hebben voor de omroep, kiest de stichting er
zelf voor om onafhankelijk te blijven. "We kunnen nu zelf bepalen wat we doen,
maar als we subsidie zouden aanvragen komt er ongetwijfeld een eisenpakket van
de gemeente bij", aldus Zwijnenberg. "Dan moeten we bijvoorbeeld ons pand delen
met een andere instelling of onze werkwijze van nu wijzigen. Voor ons hoeft dat
niet. Daarbij komt, dat we onszelf goed kunnen redden op het moment. We hebben
zelfs iets over af en toe, waardoor we kunnen sparen".
Voor de toekomst hoopt de OZO te kunnen beschikken over zendtijd op regionale
zenders. "Tegenwoordig is er steeds meer mantelzorg. Als we via de regionale
zenders kunnen uitzenden, bereiken we die mensen ook", vertelt Zwijnenberg.
"Maar we blijven ook doorgaan met de dingen die we nu doen. We zijn begonnen met
het opnemen van kerkdiensten die we bij de minder validen thuis weer afspelen en
dat doen we nog steeds".
Ondanks een tekort aan vrijwilligers, met name technici zijn schaars, worden de
opnames nog iedere week bij zo'n 20 mensen afgespeeld. Zwijnenberg: "Dan gaat
het dus niet alleen om die mis, maar ook om het sociale contact. Die mensen
komen het huis bijna niet uit, dus een praatje met een van de vrijwilligers van
de OZO betekent heel veel voor hen".
Bron: De Twentsche Courant Tubantia 25-4-2003